Snel door

Weet je al wat je zoekt en heb je geen zin om te scrollen? Gebruik dan een snelkoppeling om naar een subhoofdstuk te gaan.

verantwoording van financiën

Ontwikkelingen in meerjarig perspectief

Leerlingen (teldatum 1 februari)
Vorig jaar 2024 Verslagjaar 2025 2026 2027 2028
Aantal leerlingen 6.076 5.988 5.978 6.026 6.081

Leerlingenprognoses worden door DUO en gemeenten opgesteld vanuit het perspectief van schoolbesturen, samenwerkingsverbanden, gemeenten en provincies. In de praktijk is gebleken dat deze prognoses de afgelopen jaren onvoldoende aansloten bij de feitelijke ontwikkelingen.



Daarom is de prognose van leerlingaantallen opnieuw vastgesteld, op basis van actuele inzichten van schooldirecteuren. De instroom van met name asielzoekersleerlingen blijkt lastig te voorspellen. Daarnaast zorgen jaarlijkse, vaak onverwachte verhuizingen en aanmeldingen voor extra onzekerheid in de prognoses.



FTE (peildatum 31 december)
Aantal FTE Vorig jaar 2024 Verslagjaar 2025 2026 2027 2028
Bestuur/management 25.31 25.78 24.89 24.64 24.64
Personeel primair proces / docerend personeel 346.28 350.42 349.53 348.10 340.77
Ondersteunend personeel / overige medewerkers 121.18 115.05 101.30 91.49 88.32
Totaal 429.77 491.25 475.72 452.20 453.73

De afbouw van het aantal fte in de komende jaren hangt samen met het aflopen van subsidieregelingen, waaronder Verbetering Basisvaardigheden, Brugfunctionaris en School & Omgeving. Hierdoor vervallen tijdelijke aanstellingen en uitbreidingen van personeel. Daarnaast is de formatie afgenomen als gevolg van dalende leerlingaantallen.De afname van het aantal ondersteunende medewerkers heeft oa.te maken met de doorstroming van leraarondersteuners naar leerkrachten en natuurlijk verloop.



In de meerjarige personeelsplanning wordt rekening gehouden met zowel groei als krimp. Hierbij wordt gestuurd op vacatures, fluctuaties in leerlingaantallen en uitstroom als gevolg van pensioen. Ook wordt vooruitgekeken naar de personeelsbehoefte die ontstaat door deze ontwikkelingen.

verantwoording van financiën

Staat van baten en lasten en balans

Staat van baten en lasten
2024 Begroting 2025 Realisatie 2025 2026 2027 2028 Verschil verslagjaar t.o.v begroting Verschil verslagjaar t.o.v vorig jaar
BATEN
Rijksbijdragen 52.264 52.270 54.882 55.070 55.854 55.224 2.612 2.618
Overige overheidssubsidies 1.352 1.665 1.770 1.082 1.042 1.042 105 418
Baten werk in opdracht van derden
Overige baten 751 483 685 637 620 628 201 -66
TOTAAL BATEN 54.367 54.418 57.337 56.789 57.516 56.894 2.919 2.970
LASTEN
Personeelslasten 47.248 47.774 48.873 48.102 48.349 47.639 1.099 1.625
Afschrijvingen 1.582 1.619 1.451 1.594 1.680 1.666 -168 -131
Huisvestingslasten 4.300 4.015 3.821 4.515 4.521 4.521 -194 -479
Overige lasten 3.342 3.318 3.458 3.459 3.368 3.368 140 116
TOTAAL LASTEN 56.472 56.726 57.604 57.670 57.962 57.194 877 1.131
SALDO
Saldo baten en lasten -2.105 -2.308 -266 -881 -410 -300 2.042 1.839
Saldo financiële baten en lasten 161 75 118 50 25 25 43 -43
Saldo buitengewone baten en lasten
TOTAAL RESULTAAT -1.944 -2.033 -148 -831 -385 -275 2.085 1.796

De rijksbijdragen zijn 5% hoger uitgevallen dan begroot. De totale afwijking van € 2,6 miljoen wordt deels verklaard door een hogere indexering van het loongevoelige deel van de bekostiging (€ 701.000) en aanvullende middelen, waaronder een laatste ophoging voor de aanpak van werkdruk (€ 372.000). Deze indexering is bedoeld ter dekking van de salarisverhoging van 4,6% per november 2025.


Daarnaast zijn meer arrangementen en extra uitkeringen in het kader van passend onderwijs toegekend (€ 108.000). Ook zijn extra, niet-begrote rijkssubsidies ontvangen. Dit betreft zowel bestaande als nieuwe regelingen, waaronder subsidies voor de onderwijsregio, hoogbegaafdheid, financiële educatie, arbeidsmarkttoelage, verbetering van basisvaardigheden, School & Omgeving, brugfunctionaris en deelname aan het programma Ontwikkelkracht. Deze subsidies zijn in 2025 aangevraagd en toegekend en bedragen gezamenlijk € 1,43 miljoen.


De overige overheidsbijdragen en subsidies, afkomstig van de gemeenten ’s-Hertogenbosch en Zaltbommel en andere overheidsorganisaties, zijn € 105.000 hoger dan begroot. Dit wordt verklaard door hogere ontvangsten uit bestaande en nieuwe gemeentelijke projecten (€ 26.000) en aanvullende middelen uit landelijke initiatieven, zoals schoolfruit, Gezonde School en vitaliteitsbudgetten (€ 79.000).

De overige baten, waaronder detacheringsopbrengsten, zijn gestegen als gevolg van de cao-indexering. In de begroting zijn uitsluitend subsidies en projectbijdragen opgenomen waarvoor ten tijde van de begrotingsopstelling een redelijke mate van zekerheid bestond.


De totale lasten overschrijden de begroting met € 877.000 (2%). Deze overschrijding betreft voornamelijk de personeelslasten. De stijging wordt veroorzaakt door hogere loonontwikkelingen als gevolg van de nieuwe cao, extra inzet van personeel door aanvullende subsidies en hogere vervangingskosten door ziekteverzuim en verlofregelingen.


De afschrijvingslasten zijn lager dan begroot. Dit komt onder meer door de verdere digitalisering van leermiddelen, waardoor minder wordt geïnvesteerd in papieren methoden. Daarnaast zijn de opleveringen van SUVIS-investeringen vertraagd en zijn leveringen van digiborden later gerealiseerd.


De daling van de huisvestingskosten hangt grotendeels samen met een lagere dotatie aan de voorziening voor groot onderhoud. Dit is het gevolg van een lagere reservering voor gebouwen die gepland staan voor renovatie of nieuwbouw.


Door verdere digitalisering nemen de licentiekosten toe, wat leidt tot hogere overige lasten.



Per saldo resulteert dit in een negatief exploitatieresultaat van € 148.000.

VERWACHTINGEN

Voor het komende jaar wordt opnieuw een negatief exploitatieresultaat voorzien. Dit wordt veroorzaakt door hogere afschrijvingslasten als gevolg van investeringen die met subsidiegelden zijn gefinancierd, evenals door afschrijvingen op SUVIS-investeringen. Daarnaast leiden het grote aantal zij-instromers tot extra loonkosten en heeft de interne toerekening van bekostiging op basis van de teldatum (1 februari t=0) effect bij groei van leerlingaantallen.


Het verwachte tekort past binnen de doelstelling om het eigen vermogen geleidelijk af te bouwen tot het niveau dat aansluit bij de vastgestelde vermogensvisie. In de meerjarenbegroting is geen rekening gehouden met eventuele verlengingen van programma’s zoals School & Omgeving, Schoolmaaltijden en Brugfunctionaris


balans in meerjarig perspectief
Post Realisatie 31-12-2024 Realisatie verslagjaar 31-12-2025 Begroting 31-12-2026 Begroting 31-12-2027 Begroting 31-12-2028
ACTIVA
VASTE ACTIVA
Immateriële vaste activa
Materiële vaste activa 10.329 11.216 11.680 11.804 10.973
Financiële vaste activa 92 92 92 92 92
Totaal vaste activa 10.421 11.308 11.772 11.896 11.065
VLOTTENDE ACTIVA
Voorraden
Vorderingen 2.408 1.346 1.350 1.350 1.350
Kortlopende effecten
Liquide middelen 11.837 11.000 9.914 9.605 10.361
Totaal vlottende activa 14.245 12.346 11.264 10.955 11.711
TOTAAL ACTIVA 24.666 23.654 23.036 22.851 22.776
PASSIVA
EIGEN VERMOGEN
Algemene reserve publiek 6.666 8.939 8.108 7.723 7.248
Bestemmingsreserves en fondsen publiek 2.440
Reserves en fondsen privaat 391 410 410 410 410
Totaal eigen vermogen 9.497 9.349 8.518 8.133 7.858
VOORZIENINGEN 6.149 6.413 6.485 6.685 6.885
LANGLOPENDE SCHULDEN 73 73 73 73 73
KORTLOPENDE SCHULDEN 8.947 7.819 7.960 7.960 7.960
TOTAAL PASSIVA 24.666 23.654 23.036 22.851 22.776

Op meerjarig niveau is sprake van een afname van de liquiditeit. Dit hangt onder meer samen met de voorfinanciering van de personeelsformatie bij groei van het leerlingaantal. Signum baseert de inzet van middelen op het actuele aantal leerlingen (t=0) en wijkt daarmee af van de bekostigingssystematiek van het Rijk, die uitgaat van leerlingaantallen uit het voorgaande jaar (t-1).


In de komende jaren stijgt de waarde van de materiële vaste activa als gevolg van investeringen in nieuw schoolmeubilair voor nieuwbouw en gerenoveerde schoolgebouwen.


De bestemmingsreserve voor nog niet bestede NPO-middelen komt in 2026 te vervallen

verantwoording van financiën

financiële positie

kengetallen
Kengetal Realisatie 2024 Realisatie 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Signaleringswaarde
Solvabiliteit 2 (Eigen vermogen + voorzieningen) / balanstotaal 0,66 0,67 0,65 0,65 0,65 Ondergrens: < 0,3
Weerstandsvermogen Eigen vermogen / totale baten (incl. financiële baten) 17,47 16,31 15,00 14,14 13,81 Ondergrens: < 0,05
Liquiditeit Vlottende activa / kortlopende schulden 1,57 1,58 1,42 1,38 1,47 Ondergrens: 0,5 (bij totale baten boven €25 mln.)
Rentabiliteit Resultaat / totale baten (incl. financiële baten) * 100% -3,58% -0.26% -1,46% -0,67% -0,48% Afhankelijk van de financiële positie
Reservepositie o.b.v. signaleringswaarde OCW (Feitelijk publiek EV -/- signaleringswaarde publiek EV) / totale baten 17 16 14 13 13 Bovengrens: > 0
Toelichting op de financiële positie


De financiële positie van Signum per eind 2025 wordt als gezond beoordeeld. Op basis van een vastgestelde vermogensvisie heeft het college van bestuur bepaald in welke mate het beschikbare kapitaal de komende jaren kan worden ingezet ten behoeve van het onderwijs. Daarbij is zorgvuldig vastgesteld welke liquiditeitsbuffer noodzakelijk is om risico’s op te vangen.


De algemene publieke reserve bedraagt circa € 9 miljoen en ligt daarmee ruim € 5 miljoen onder de signaleringswaarde van de Inspectie van het Onderwijs. Dit betekent dat geen sprake is van bovenmatig publiek vermogen.


Het beschikbare vermogen boven de benodigde risicoreserve biedt ruimte voor investeringen in de komende jaren. Over de inzet van deze middelen is in het kader van de meerjarenbegroting overleg gevoerd met de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad en de raad van toezicht. Daarbij is nadrukkelijk aandacht besteed aan zowel rechtmatigheid als doelmatigheid.


De meerjarenbegroting laat voor de komende jaren negatieve exploitatieresultaten zien. Een belangrijke oorzaak is de toename van afschrijvingskosten als gevolg van omvangrijke investeringen, onder meer binnen het kader van de SUVIS-regeling voor verbetering van het binnenklimaat en verduurzaming van schoolgebouwen.


Daarnaast is sprake van stijgende personeelslasten, onder andere door het lerarentekort, ziekteverzuim en de voorfinanciering van de personeelsformatie op basis van actuele leerlingaantallen. Ook de afschrijvingslasten van investeringen die met subsidiegelden zijn bekostigd, drukken de komende jaren op de exploitatie.


Deze ontwikkelingen leiden tot een afname van het eigen vermogen. Deze daling past binnen de gekozen strategie om eerder behaalde positieve resultaten alsnog in te zetten voor de versterking van het onderwijs.



De afname van het eigen vermogen heeft ook invloed op verschillende financiële kengetallen, met name die betrekking hebben op vermogenspositie en liquiditeit.

verslag intern toezicht

De Raad van Toezicht van Stichting Signum ziet toe op goed bestuur, naleving van wet- en regelgeving en doelmatige besteding van middelen, conform de Code Goed Bestuur. We vertellen je hoe zij dit doen.

volgende hoofdstuk